De vriendin van Willem

Ik zette mijn beste beetje voor, maar het lot bepaalde anders.

Persoonlijk
tekstschrijver

Ik was op De Parade en had net een bordje Mexicaans opgeschept toen ik mijn dierbare collega en studiegenoot Willem tegenkwam. ’Heeey!’, riep ik. We gaven elkaar een hug. Onze paden hadden elkaar al een paar jaar niet gekruist en ik was blij om hem te zien.

Links van hem stond – naar ik aannam – zijn vriendin. God, hoe heette ze ook alweer? In plaats van daar eerst even over na te denken, stak ik joviaal mijn rechterhand uit. ’Sorry, maar ik weet je naam niet meer,’ zei ik, ‘erg he?’

Terwijl ik dat zei, vloog er – met een flauwe boog – een piepklein stukje nacho van mijn mond in haar decolleté.

Zou ze het gezien hebben? Met mijn hand voor mijn mond gebaarde ik een soort excuus.

Willem begon weer te praten. In een paar vluchtige zinnen probeerde we nog bij te kletsen – zoiets lukt nooit, maar dat geeft niet.

’Enne, wat heerlijk voor jullie,’ zei ik, nog steeds goedgemutst, ’Een avond met zijn tweetjes op stap, even zonder kinderen?’.

De vriendin van Willem wees wat ongemakkelijk naar hem: ’Eeehhh nee, ik heb geen kinderen. Hij wel.’

Na deze driedubbele flater gaf ik het op. Tussen mij en de vriendin van Willem kwam het niet meer goed.




Plaats een reactie