Hoe je de communicatie kunt verdiepen door improvisatie

Samen met Sergej van Middendorp, Leo van Veen en Joseph Kessels organiseer ik ‘Improvisatie in organisaties’, een concert en een workshop tegelijk. Een avond vol jazz, gesprekken en improvisatie, en hoe je dit kunt toepassen in organisaties.

Uit het persbericht:
‘Samen met doorgewinterde jazzmusici willen we verkennen of en hoe we de metafoor van jazz improvisatie in organisaties kunnen gebruiken. Zijn de onderliggende basisprincipes herkenbaar en toepasbaar? En zijn we ons eigenlijk bewust van onze eigen, diep verankerde aannames ten aanzien van onze relaties met anderen en de omgeving?’

Improvisatie, wat is dat? Hoe doe je dat en waarom zou ik dat moeten doen, wat heb ik eraan?

Improvisatie is eigenlijk het variëren op een aanwezig thema, waarbij je op het moment zelf iets bedenkt. Het is bedenken en uitvoeren in één. Improvisatie is een sprong in het diepe, doen wat buiten je comfort zone ligt. Een omhelzing van het grote onbekende. Het speelkwartier waarin niet datgene wat we al weten interessant is, maar vooral datgene wat we nog niet weten. Bovenal is improvisatie een manier om te verbinden met elkaar.

Veel meer dan het resultaat van improvisatie is proces van belang. Met name het effect dat het proces van samen improviseren op lange termijn heeft. Improviseren draait om vertrouwen. Wanneer je dit met een groep intensief doet, wordt iedereen in de groep daar beter van.

Met medewerking van Karel Boehlee (piano), Jeroen Vierdag (contrabas) en Jasper van Hulten (drums)

Sergej van Middendorp is een ‘action researcher’ die zich afvraagt hoe we – samen – continue positieve verandering kunnen bewerkstelligen in een toenemend complexe wereld. Op zoek naar antwoorden richt hij zich op de systemen die we maken om samen te werken aan de uitdagingen die deze wereld ons biedt. Een centrale vraag daarbij is hoe systemen tot leven komen in de interactie tussen gebruikers, ontwerpers, en ondersteuners.
 Op zoek naar een proces dat het ontwerp en de ontwikkeling van levende systemen mogelijk maakt kwam hij de theorie van ‘organizational improvisation’ tegen. Samen met een jazzband en zijn klanten onderzocht hij deze metafoor gedurende zeven jaar in theorie en praktijk. En samen met collega ondernemers onderzocht hij gedurende drie jaar hoe deze metafoor gebruikt kon worden om een proces en een product te ontwikkelen die zo’n levend systeem konden helpen realiseren: een systeem dat haar gebruikers helpt om een ‘groove’ in hun samenwerking te realiseren. De afgelopen jaren werkt Sergej samen met een netwerk van IT leveranciers, zorgaanbieders, overheidsinstellingen en zorgverzekeraars om op basis van deze principes te komen tot een integraal digitaal gezondheidssysteem dat ons kan helpen om – in eigen regie, en met multideskundige samenwerking – een vitaal en gezond leven te improviseren. In onze bijeenkomst deelt Sergej zeven basisprincipes van improvisatie met ons op basis van zijn praktijk en onderzoek.

Improvisatie als ervaring

Improvisatie is in de eerste plaats een werkvorm. Een tijdelijke relatie waarbij je de dynamiek van samen improviseren benoemt en gebruikt.

Deze dynamiek van improvisatie kan zeer krachtig zijn en leidt in veel gevallen tot niet eerder vertoonde expressie en nieuwe inzichten.

Het is als een meditatie, je kunt het niet verkeerd doen. Wat er uitkomt is altijd goed.

Omdat het zich allemaal afspeelt in het hier en nu, hangt er steeds een sfeer van ‘nieuw’ en ‘vernieuwing’. Dat zet  krachtig hormonen in werking! Mensen doen ervaringen op die zo nog niet kennen.

Ontdekkingsreis

Niet zelden leidt improvisatie tot vergaande inzichten ‘out of the box’.

Het resultaat is een ervaring, een ontdekkingsreis, voor zowel de individuele groepsleden als voor het publiek.

Om samen te kunnen improviseren is veiligheid een eerste vereiste. Iedereen is bereid om te luisteren, om niet al te streng vast te houden aan hoelang iets moet duren, aan wie er de leiding heeft of wat het resultaat zou moeten zijn.

In the flow

Improviseren geeft ruimte aan brainstorm — individueel, begeleid of gezamenlijk — waarbij ‘judging’ op dat moment geen prioriteit heeft.

Voorop staat dat deelnemers loskomen en vrijuit ideeën kunnen spuien, in the flow zitten, vanuit het gevoel gezien en gehoord te worden, daarin aangemoedigd te worden.

Een algemeen gevoel van vertrouwen wordt hiermee versterkt. Vertrouwen in eigen kunnen, vertrouwen in de veiligheid van de groep, vertrouwen in openheid, waardering en gelijkwaardigheid.

Vertrouwen

Dit vertrouwen werkt vervolgens weer wederkerigheid in de hand: de behoefte om dit goede gevoel ook aan anderen te geven.

De inzichten en de goede energie direct te delen met de omgeving. Dit komt de binding tussen de groepsleden ten goede en creëert momentum.

Wanneer iemand in de groep zich door jouw luisterend oor of door jouw aanmoediging beter voelt en zich meer durft te laten zien, is dat een grote beloning. Een ‘instant gratification’ die weer een nieuwe, diepere laag van betekenis aanboort.

Elk individu ervaart daardoor persoonlijke groei, niet alleen door eigen handelen en gedrag, maar ook door het positieve effect van de eigen aanwezigheid in de groep.

Hoe werkt het?

Zonder enige houvast improviseren, dat kunnen alleen geoefende pro’s. Daarom is er altijd een workaround, een vooraf gemaakte, globale afspraak over het verloop van de improvisatie. Dit noem ik thema’s of ‘conversation starters’.

Wat goed werkt, is om een thema te kiezen waarmee je stevig stelling neemt. Daarmee kan de groep gaan spelen, alsof het een muziekgroep is die zich naar ‘de wereld’ presenteert, vanaf een fictief podium.

Iedereen in de groep doet om de beurt een zegje (of een performance) en probeert elkaar daarin te versterken. Zo ontstaat een constructief gesprek, de groep vormt samen een ‘blok’.

Een collectief waarin op een organische manier draagvlak wordt ontwikkeld, puur door interactie.

Gesprek

De improvisatie — die veel wegheeft van Appreciative Inquiry — wordt geleid door een gespreksleider, eigenlijk een bandleider, die de taken verdeelt, de volgorde bepaalt en de tijd in de gaten houdt. De gespreksleider laat de groep zoveel mogelijk zelf sturen.

Belangrijk is dat de spelregels vooraf heel duidelijk zijn. Ook bepaalde restricties werken goed. Bijvoorbeeld: je hebt maximaal een minuut, of: begin met de laatste zin van je voorganger.

Dit zijn regels voor gesprekken. Wanneer er muziek wordt gemaakt zijn er nog veel meer variabelen.

Wanneer een iemand de leiding heeft, luistert de rest, die ondersteunt en begeleidt. Daarna kun je de rollen afwisselen. Ook kun je spelen met variabelen zoals tempo, dynamiek, abstracte referenties en muzikale emoties (bijvoorbeeld chaos!).

Omdat de muziek non-verbaal is, werkt het goed om universele tekens af te spreken, zoals een dirigent het tempo aangeeft, en gebaren heeft om te beginnen of om te stoppen.

SPELREGELS

Improvisatie in gesprek kent twee spelregels, die afkomstig zijn uit het improvisatietheater.

  1. Accept every offer
  2. Make the other one look good

‘Accept every offer’ houdt vooral in dat je reageert op de situatie. Er moet een verband zijn. De opdracht is iets te doen — wat dan ook — met datgene wat je gegeven is. Dat is de sport!

Voor wie aan de beurt is, is dit het moment om het stokje over te nemen in de dialoog, in de gezamenlijk performance.

Op een podium betekent dit vooral dat je er een draai aangeeft die voor jou werkt. Je verzint er iets op, je bedenkt een rol die goed past bij jou en de situatie.

En waar zadel je de volgende mee op? Wat zou je kunnen doen om zowel de vorige als de volgende in de keten heel goed eruit te laten komen? Dat is de essentie van ‘make the other one look good’.

Wees creatief. Probeer jezelf uit de nesten te werken of sla een nieuwe weg in. Speel met de elementen die er zijn. Máák er iets van!

tom beek (c) hans reitzema

Tom Beek is saxofonist, schrijver, webdesigner en fotograaf. Regelmatig te vinden op Twitter en Instagram. Gek op jazz en koffie. Ruikt aan boeken.

Plaats een reactie