De grootste fan van Candy Dulfer

Het was 1986 en de hele school was al dagen in rep en roer want vanavond was Het Schoolfeest.

De leerlingen hadden de gangen en de gymzaal versierd en mooi verlicht. Het gonsde.

Er zou gedanst worden op Fame, Michael Jackson, Lionel Richie, Prince, Doe Maar en Kayagoogoo.

Het was de tijd van geblondeerde stekels, beenwarmers en andere, veel te wijde kleding.

Kluiten jongens zouden schaapachtig kijken naar kluiten meisjes. En weer terug.

Dit schoolfeest zijn wékenlang het onderwerp van gesprek in de gangen, de kantine en in de fietsenstalling.

De stoerste jongen van mijn klas was ik zeker niet. Ik was tenger gebouwd en redelijk laat met groeien. Dat ik aardig kon basketballen, hielp me niet: in de gymklas werden we op lengte opgesteld. Maar daardoor deed ik wel extra mijn best. Het was, laten we zeggen, karaktervormend.

Saxofoon speelde ik al een beetje. The Pink Panther, Take Five, UB40 en In the mood. Ik had een paar platen. Van David Sanborn, The Brecker Brothers en een hele oude jazzplaat van Sonny Rollins. En honderden cassettes. Trots als een pauw was ik op mijn kleine verzameling.

Maar heel weinig mensen op school waren gek van jazz (en al die andere, rare muziek die in dezelfde bak stond in de platenzaak). De één denkt bij jazz aan het feestelijke gepiep van Willem Breuker, de ander associeert jazz met dixieland op een braderie. Dat is eigenlijk nog steeds zo.

Popmuziek was in de jaren tachtig nog heel leuk. Met mijn lange regenjas danste ik net zoals David Bowie. Sommige meisjes zeiden dat ik op Ferris Bueller leek. Dat kon ik wellicht in mijn voordeel gebruiken. Helaas maakte ik daarmee geen indruk op Paulien, het meisje waar ik al twee jaar in stilte verliefd op was. Misschien had ze die film nog niet gezien.

Vlak voordat ik op de fiets stapte naar het Stedelijk Gymnasium in Leiden, deed ik een geurtje op (veel te veel natuurlijk) van Paco Rabanne, mijn mooiste blouse aan en mijn nieuwste sneakers. Een lijntje oogpotlood mocht ook niet ontbreken. Want dat deden jongens toen. Ik was klaar voor het Schoolfeest.

Stedelijk Gymnasium Leiden Fruinlaan
Stedelijk Gymnasium, Leiden (Fruinlaan)

Veel te vroeg liep ik de feestzaal binnen. Hier en daar liepen wat leerlingen met volle kratjes drank. Tussen de slingers en de discoballen zag ik de basketbalnetjes hangen.

Er speelde een band!

Toen ik hoorde dat de muzikanten nog bezig waren met de soundcheck, zocht ik een plekje helemaal vooraan bij het podium.

Hoe leuk dat ik dat vond, kan ik alleen maar achteraf bedenken, want ik heb de plek die avond niet meer verlaten.

Het duurde zeker nog een uur voordat het optreden begon. Ik hoorde allerlei gerommel met instrumenten. Af en toe speelde er iemand iets — wat waanzinnig klonk.

De bassist was een boomlange neger, met een zonnebril. Hij deed me aan Bob Marley denken. Wat een sfeer, dit. De gitarist speelde even iets uit een nummer van James Brown. Woeha!

De muzikanten maakten allerlei gebaren van harder en zachter. Intussen stroomde de feestzaal vol. Ik begroette af en toe mijn klas- en schoolgenootjes. Maar ik was niet meer weg te slaan bij het podium.

Even later kwam er een meisje de bühne op, hip gekleed en zelfverzekerd. Ik dacht eerst dat ze danseres was. Ze kon niet veel ouder zijn dan ik. Toen zag ik de prachtig glimmende, goudkleurige altsaxofoon, die ze in haar hand had. Ze was de leider van de band!

Die avond speelde Candy Dulfer met haar band Funky Stuff de pannen van het dak.

Het was niet normaal. Iedereen danste, zong en schreeuwde. Het oude gymnasiumgebouw stuiterde op zijn grondvesten. Van de eerste tot de laatste noot was het één groot feest.

De school was veranderd in een dampende, funkende menigte. Met haar zestien jaar dirigeerde de jonge mevrouw Dulfer haar eigen band en een paar honderd uitzinnige scholieren naar de climax van het schooljaar.

Een historische avond. Voor mij betekende het einde van het schooljaar dat ik op zoek moest naar een andere school, want ik was zoveel bezig met muziek dat ik het gymnasiumtempo niet meer kon bijhouden. En ook met Paulien is het niks geworden.

Dat is allemaal goed gekomen. Mijn volgende school was minstens zo leuk. Ook dáár waren de feesten legendarisch.

Later zou ik Candy nog vaak zien. Op festivals, op tv, in videoclips. Ze werd nationaal bekend, scoorde hits, trad overal op en maakte een fantastische, internationale carrière.

Later, toen ik in de scene een beetje naam had gemaakt, werkten we een paar keer samen. Ook dat is met haar een groot feest.

Voor mij is Candy een icoon. Noem het jeugdsentiment, noem het bewondering, noem het een indirect soort verliefdheid, noem het een vorm van jaloezie, allemaal een beetje waar.

Toch gaat het mij daar niet om. Wat mij dwars zit is, dat haar talent door weinig mensen op waarde wordt geschat.

Wie haar kent, wie van dichtbij heeft meegemaakt, weet: Candy Dulfer is een fenomeen.

Al bijna dertig jaar presteert zij het om op zeer hoog niveau muziek te maken, te entertainen, te vernieuwen. Met haar messcherpe, opzwepende saxofoonspel en haar gloedvolle, uit duizenden herkenbare geluid laat ze menig conservatoriumstudent alle hoeken van de kamer zien.

Ze is ontzettend positief ingesteld, creëert niet alleen bij het publiek, maar ook op het podium en achter de schermen een feestelijk familiegevoel.

Als geen ander speelt ze terloops de rol van talent scout. Kijk naar Trijntje en Leona. En wacht maar tot je Ricardo live hebt gehoord! De lijst van getalenteerde muzikanten die hun carrière begonnen bij Candy — en in zekere zin aan haar te danken hebben — is lang.

Ze is superprofessioneel, zal nooit kwaadspreken over collega’s en zorgt heel goed voor haar mensen. Wie anders gaat er nog zo verzorgd en hip gekleed? Ze ziet er supergoed uit op het podium.

Als zij speelt, is het feest. In dit land van azijnpissers wordt wel eens vergeten dat artiesten als Prince, Dave Stewart, Maceo Parker en David Sanborn allemaal heel graag met háár willen spelen.

En terecht. Candy rocks.

En de grootste fan van Candy Dulfer, dat ben ik.

tom beek (c) hans reitzema

Tom Beek is saxofonist, schrijver, webdesigner en fotograaf. Regelmatig te vinden op Twitter en Instagram. Gek op jazz en koffie. Ruikt aan boeken.

Reacties op “De grootste fan van Candy Dulfer”

  1. Ah ja, wat een historisch feest was dat; heel herkenbaar (behalve het oogpotlood…). Candy vond ik ook een kick in the face; ik heb geloof ik de hele avond rechts voor de speakers gestaan (stond jij links?).

    Beantwoorden
  2. Dat was die avond dat ik – ook vooraan – dansend de lichtmast bijna omver hielp… En dat ik later de drankjes naar de kleedkamer mocht brengen, hoe cool!! (barcommissie) Die zanger, was Franklin Bata toch? Hoe 1 avond een luikje kan openen dat je leven verandert. Gaaf.

    Beantwoorden
  3. long shot…. ben op zoek naar radio uitzendingen van the midnight hour…..ik (destijds ..DE ENIGSTE FAN in mijn wereldje) had er nog een aantal op cassettebandjes…maar helaas na dik 30 jaar en aantal keer vastgelopen,gebroken en geplakt hebben ze de tand des tijds niet weten te overleven. Lijkt mij.. dat jij als grootste fan… mij (-hope- maybe-to- be-langdurigste fan vast wel verder kunt helpen.

    Beantwoorden

Plaats een reactie